Oradour-sur-Glane

Het Bloedbad van Oradour-sur-Glane vond plaats op 10 juni 1944 in de Franse plaats Oradour-sur-Glane. Het dorp werd die dag door het eerste regiment ‘Der Führer’ van de 2. SS-Panzer-Division Das Reich ingesloten en uiteindelijk verwoest. Bij deze overval werden 642 mensen vermoord. Slechts zes personen overleefden het bloedbad.
Het legeronderdeel stond onder bevel van generaal Heinz Lammerding, SS-Sturmbannführer (majoor) Adolf Diekmann, SS-Hauptsturmführer (kapitein) Kahn en SS-Obersturmführer (eerste luitenant) Heinz Barth.

Aanleiding
Het bloedbad was een wraakactie. Als aanleiding wordt wel een actie genoemd van het Franse verzet op 8 juni 1944. Toen werd in Saint-Junien, een plaatsje nabij Oradour, een spoorbrug opgeblazen. Hierbij zouden twee Duitse soldaten zijn gedood, waaronder SS-Sturmbannführer Helmut Kämpfe, die een persoonlijke vriend was van SS-Sturmbannführer Diekmann. Een andere lezing is dat Kämpfe werd ontvoerd door het verzet. Nadat zijn dienstvoertuig leeg werd aangetroffen ging de SS-divisie massaal naar hem en zijn chauffeur op zoek.

Uitvoering
De operatie vond plaats op zaterdag na 12.00 uur. De Duitse majoor Diekmann bracht alles in paraatheid om richting Oradour te gaan. Zijn colonne arriveerde om 13.30 uur in Oradour. Binnen een half uur was het gehele dorp omsingeld en alle in- en uitgangen en toegangswegen werden afgesloten. Diekmann richtte een boerderij, die tussen Oradour en het dorpje Bordes lag, in als commandopost. Het in der haast bedachte plan bleek koel en efficiënt. Als reden voor de overval werd een routinematige identiteitscontrole opgegeven, waartoe alle inwoners zich op het marktplein moesten verzamelen. Daarna werden mannen en vrouwen gescheiden. Rond 16.00 uur begon de executie met een ontploffing. Na dit signaal werden de mannen op verschillende plaatsen in het dorp met machinegeweren geëxecuteerd. De lichamen werden in brand gestoken. De vrouwen en kinderen waren samengebracht in het kerkgebouw. Rond 17 uur zetten de SS’ers een kist neer waaruit een paar lonten hingen. Deze werden aangestoken en verspreidden een verstikkende rook, waardoor de vrouwen zich in blinde paniek op de deuren stortten. Daar werden ze opgewacht door de SS’ers die hen met machinegeweren bestookten zodat ze weer naar binnen moesten vluchten. Slechts één vrouw overleefde de slachtpartij. Het jongste kind dat omkwam was slechts acht dagen oud.

Centre de la Mémoire
Bij de ingang van het dorp is in 1999 een museum ingericht, het Centre de la Mémoire. Het is een ondergronds museum. Wie de ingang van het museum passeert komt midden in het dorp weer bovengronds. Daar zijn alle ruïnes nog in de staat van na de verwoesting. Kleine plaquettes op de huizen geven aan of er een winkel, kapperszaak, garage of kledingatelier gevestigd was. Alles is zo gelaten zoals het de fatale dag is achtergelaten, inclusief de auto van de huisarts, die nog op het dorpsplein staat.

De Gaulle
Kort na de oorlog kwam Charles de Gaulle naar Oradour. Hij besliste dat de resten van het oude dorp de functie moesten verkrijgen van monument. Hij besloot tevens dat het nieuwe Oradour op een steenworp afstand weer opgebouwd zou worden. De resterende inwoners van Oradour woonden enige jaren in primitieve omstandigheden totdat het nieuwe Oradour in 1953 werd ingewijd. De regering besloot dat de bevolking van Oradour rouwkleding zou moeten dragen en dat het nieuwe Oradour ook deze sfeer moest uitademen. Oradour mocht alleen de grijze kleur hebben.

Nuttige links

https://www.verdoyer.fr/nl/articles-regions/getuigenis-van-de-geschiedenis
https://oradour-sur-glane.fr/